|
Zoals te zien is, is haar buik de laatste 4 dagen behoorlijk gegroeid.
Heb je het vermoeden dat je vrouwtje zwanger kan zijn dan is het heel belangrijk om haar iedere dag op een vast tijdstip te wegen. De enige weegschaal die hiervoor geschikt is en nauwkeurig weegt is een digitale weegschaal. Deze zijn vanaf ca. € 15,00 te koop in een huishoudelijke zaak. Heb je deze niet, schaf hem dan zo snel mogelijk aan. Het is de enige manier om enigzins te controleren hoe lang het vrouwtje zwanger is. Gaat het om en erg jong vrouwtje dan moet je er ook rekening mee houden dat ze in de groei is, al zal de zwangerschap al haar energie kosten en zal ze vrijwel stilstaan in groei tijdens de zwangerschap en het zogen. Ook is het heel belangrijk om een goede dierenarts te zoeken die veel verstand heeft van ratten en keizersnedes, mocht je deze nog niet hebben. Kijk ook van te voren welke dierenarts spoeddienst heeft, de natuur bepaald wanneer een vrouwtje moet bevallen en dit kan net zo goed 's nachts of in het weekend zijn. Beter goed voorbereid dan gehaast te moeten zoeken zodra je merkt dat het fout gaat.
Andere symptomen bij de zwangerschap behalve aankomen zijn dat ze prikkelbaarder kan zijn, vooral als het om een vrouwtje gaat wat je net hebt, jonge moedertjes zijn vaak ook beschermender dan oudere. Je hebt nog geen band met haar dus het vertrouwen is er nog niet. Ze kan dan sneller bijten, wil misschien niet opgepakt worden, enz. In de laatste week of dagen kan een vrouwtje nesteldrang krijgen. Ze heeft liever geen andere ratten om zich heen (verschilt per vrouwtje) en ze zal misschien een nest gaan maken. Hierbij zal ze alles willen verzamelen wat geschikt is en vaak zal ze ook een berg maken van de bodembedekking. Soms maken ze helemaal geen nest en doen ze dit pas na de bevalling en soms maken ze pas vlak voor de bevalling een nestje.
Weet je zeker dat je vrouwtje zwanger is dan zal ze de laatste dagen apart moeten in een duna, zodat ze zich in alle rust kan voorbereiden op het nestje en kan wennen aan haar nieuwe huisvesting. Weet je niet hoe lang ze zwanger is, doe haar dan in de duna zodra haar buik echt dikker begint te worden. Bij de andere vrouwtjes bevallen kan wel, maar heeft beslist niet de voorkeur. Het moedertje moet rust hebben en het zogen van het nestje kost haar al genoeg energie, als ze alleen zit hoeft ze de rittens niet in de gaten te houden voor andere vrouwtjes. Het kan zelfs zijn dat een ander vrouwtje de rittens wil doden.
In de duna kun je goede bodembedekking doen zoals aubiose (kijk uit voor scherpe stukjes) of ecobed en papier zoals toiletpapier. Niet teveel, het vrouwtje moet de rittens nog wel kunnen vinden. In de duna geeft het de voorkeur om een huisje neer te zetten, dat kan met of zonder bodem. Met bodem heeft als voordeel dat je het hele nestje in één keer uit de duna kunt halen, maar het nadeel is dat het nestje sneller vies wordt.Hier zie je een foto van een duna, dit is de enige geschikte huisvesting voor een nestje tot ze twee weken oud zijn, of het moet zo warm zijn dat ze beter in een Ferplast Mary of soortgelijks kunnen. Een duna is tochtvrij en de rittens zullen warm blijven als mama even van het nest is en de kleintjes kunnen niet door de tralies naar buiten. Natuurlijk kunnen ze nog niet lopen en zien, maar ze zijn wel heel zuigvast en als ze aan het zogen zijn terwijl mama wegloopt zullen ze zoveel mogelijk proberen vast te houden. Hierdoor kan het voorkomen dat mama een paar rittens naar buiten sleurt, mocht ze dan gelijk tegen de tralies opklimmen dan kan het zijn dat een ritten door de tralies wriemelt. Mama is erg voorzichtig en ze verzamelt de rittens altijd weer bij zich, maar buiten de kooi lukt dat niet en als eigenaar moet je dat maar net op tijd zien.

Tijdens de zwangerschap heeft ze meer behoefte aan gezond eten en vooral aan dierlijke eiwitten. Geef haar daarom iedere dag iets extra's zoals gekookte kip of vis. Blikjes Almo Nature of Applaws zijn ook erg goed, de kwaliteit van dit kattenvoer is veel beter dan de blikjes die je kunt kopen in de supermarkt. Deze bevatten vooral vocht en zout, terwijl je bij de eerstgenoemden precies kunt zien wat er in het blikje zit. Bij de dierenarts of Dierenspeciaalzaak Casper kun je Convalescence Support halen. Dit is poeder wat je aan kunt maken met water en is zeer voedzaam. Zorg altijd voor genoeg voer in haar voerbakje en vers drinkwater in een fles.
De bevalling.
Na de draagtijd van 21-23 dagen zal hopelijk de bevalling uit zichzelf beginnen. Het moedertje wordt onrustiger en je kunt vaak weeën zien. Als ze weeën heeft dan zal ze haar lijfje strekken en een krommere rug trekken. Dit duurt een paar seconden en meestal duurt het dan niet lang meer voor de rittens komen. Geef haar alle rust, ga er niet bovenop zitten en neem geen foto's met flits. We gaan er hier vanuit dat je het vrouwtje nog niet zo goed kent en niet weet hoe ze in stressvolle situaties reageert. In het ergste geval zal ze de bevalling tegen willen houden en/of accepteert ze de rittens niet. In het laatste geval zal ze de rittens doden of dodelijk verwonden of gaat ze in een hoek zitten zonder naar ze om te kijken. Ze weigert dan de rittens te laten drinken.
Als de bevalling niet snel genoeg op gang komt, ze is 23 dagen zwanger en er gebeurt helemaal niets, dan moet je naar de dierenarts zodat deze kan kijken of alles in orde is. Dit kan d.m.v. een echo bv. Het kan zijn dat het eerste ritten dwars voor het geboortekanaal ligt en er niet uit kan. In dat geval zullen de krachten van het moedertje snel afnemen en voor het te laat is (ze kan overlijden) is het nodig om met spoed een keizersnede uit te laten voeren door de dierenarts. Uiteraard zal een keizersnede niet goedkoop zijn (reken op € 150,= tot € 300,= , verschilt per dierenarts), maar het is een levensreddende handeling en het vrouwtje kan er ook niets aan doen dat ze zwanger is. Kosten mogen dan ook geen belemmering zijn om een keizersnede uit te laten voeren.
De bevalling kan een uur duren, maar ook langer. Meestal duurt een bevalling bij een gemiddeld nestje 1,5-2 uur, maar vier uur is ook geen uitzondering. Belangrijk is om in de gaten te houden dat er wel af en toe een ritten geboren wordt, een paar uur weeën zonder rittens kan aangeven dat er iets mis is. Iedere keer als een ritten geboren is zal mama de moederkoek opeten. Dit is heel belangrijk voor haar omdat hier allerlei voedingsstoffen en energie inzitten die ze nodig heeft. In de natuur zal ze een poosje op haar nest moeten blijven zitten en door het opeten van de moederkoeken (placenta's) kan ze er een paar uur tegen. Elk ritten zit in zijn eigen placenta, denk dus niet dat mama een ritten aan het eten is als je haar aan een rood bolletje ziet eten, dat is de placenta. Zodra de bevalling voorbij is zal de moeder haar rittens onder zich verzamelen en mogen ze zogen. Ze laat ze beslist niet zogen als ze nog niet klaar is. Als ze een paar uur op haar nest heeft gezeten en de rittens een melkbuikje hebben (zie onderstaande foto) dan kun je haar voorzichtig pakken en aan haar buik voelen of er toch toevallig nog een ritten in zit. Het gebeurt gelukkig niet vaak, maar als er een ritten achterblijft dan kan deze niet alleen overlijden, maar ook voor een flinke baarmoederontsteking zorgen. Dan moet het vrouwtje alsnog geopereerd worden. Een lekker papje met bambix en convalescence support zal ze ook wel waarderen.
De verzorging van het nestje.
Houdt er rekening mee dat je het nestje zelf de eerste week niet kunt verschonen, de ergste papiertjes met bloed kun je weghalen, maar van de rest moet je afblijven. Het moedertje kan heel relaxed zijn waardoor je meer kunt doen, maar ze kan ook heel beschermend zijn zodat je haar met grote voorzichtigheid moet weglokken. Plateaus of hangmatjes zijn de eerste weken niet geschikt. Ze kan daar bevallen of zogen zodat de rittens naar beneden kunnen vallen.
Week 1:

De rittens worden zonder vacht en met dichte ogen geboren, dat noem je ook nestblijvers. Dieren met open ogen en een vachtje (cavia's bv.) noem je nestvlieders. De rittens zijn geheel afhankelijk van de moeder en dat duurt nog wel een aantal weken. De eerste twee weken heb je nog niet zoveel werk aan een nestje. Ze hoeven nog niet gesocialiseerd te worden, wel moet je ze iedere dag pakken en nakijken, er kan een achterblijver bijzitten en ze kunnen aan de lucht van mensen wennen. Het is een fabeltje dat je ze de eerste weken nog niet mag pakken.
Hoe weet je wat een mannetje en een vrouwtje is? Als ze ca. 12 dagen oud zijn kun je het als leek met 100% zekerheid zeggen. Je ziet op dat moment bij de vrouwtjes duidelijk tepeltjes, de mannetjes hebben deze niet. Maar het is altijd leuk om het eerder te weten, hopelijk helpen deze foto's je een eind op weg. Bij het mannetje is de afstand tussen geslachtsdeel en anus groter dan bij vrouwtjes en je ziet vaak al de beginnende balletjes, kleine zwarte puntjes. Bij het vrouwtje is het geslachtsdeel (bolletje wat je ziet) ook kleiner dan bij het mannetje.
Mannetjes ritten
|
Vrouwtjes ritten
|

|

|
Het hangt van de grootte van het nest en het gewicht en conditie van mama af wat en hoeveel ze als bijvoeding moet krijgen. Naast haar hardvoer (een goed merk en speciaal voor ratten) heeft ze wel extra's nodig, want het zogen kost veel energie. Naast iedere dag vers drinkwater mag ze ook een extra hapje hebben die al staan aangegeven bij de verzorging van een zwanger vrouwtje. Heeft ze een groot nest, is het een jong moedertje in de groei of is haar conditie niet al te best dan mag ze ook twee keer per dag iets extra. Daarnaast moet ze iedere dag wat verse groente krijgen, zoals witlof (bevordert de melkproduktie), broccoli, boerenkool, etc. Zie de lijst die staat bij het hoofdstuk voeding.
De huid van de rittens gaat al snel verkleuren. Na een dag zie je al welke tekeningen een ritten met een donkere vacht heeft en na ca. 5 dagen begint de huid te schilferen. Dit betekent dat de haren doorkomen. Als de rittens een week oud zijn kan een geoefend ook zien welke kleuren ze worden.
Week 2:

Met 8-9 dagen zijn de vachtjes goed door en ze lijken wat minder op saucijsjes en meer op rittens. Nog steeds heb je als eigenaar niet veel aan de kleintjes, behalve foto's maken. Mama moet de rest van het werk doen. Na een week wordt het wel tijd om de duna te verschonen. Als de moeder niet gestrest is kan de hele duna schoongemaakt worden. Zet moeder voor haar rust even in een vervoersbox en de kleintjes kunnen lekker in fleece liggen. Bewaar vooral het oude nestje nog even, want als blijkt dat mama toch in paniek is als ze in een hele schone duna komt dan kun je het oude nestmateriaal nog terugleggen. Eerst de rittens erin leggen en daarna mama erbij.
Is ze nog wel erg beschermend en gestrest verschoon dan alleen alles rondom het nest en laat het nest zelf onberoerd. Beter iets te lang vies dan dat moeder zo in de stress schiet dat ze haar rittens niet meer wil.

Tussen de 13 en 15 dagen gaan de oogjes open, er zijn vroegere of latere uitschieters, maar dit is het gemiddelde. De eerste kiertjes zijn ontzettend leuk, het maakt de rittens gelijk helemaal af.Zowel mama als de eigenaar krijgen het nu drukker. Mama omdat de rittens het nest uit willen lopen en ze ze steeds bij elkaar moet sprokkelen en de eigenaar omdat vooral de eerste dagen nadat de oogjes geopend zijn cruciaal zijn. De rittens zijn al gewend aan de lucht van mensen, hun ogen nog niet. Als ze in deze dagen de mens vaak zien (geef ze wel de kans om te drinken) dan wordt deze net zo gewoon voor ze als hun soortgenoten, het gaat dan vanzelf. De ervaring heeft geleerd dat het veel meer tijd kost om ze helemaal tam te krijgen wanneer ze je niet zien als de oogjes open gaan. Wat bijvoorbeeld goed werkt is wanneer je de rittens onder je shirt tegen je huid houdt, laat ze maar even lekker slapen. Houdt je hand een aantal keren per dag in de kooi (als mama het toelaat), ze zullen dan gelijk naar je toekomen.
Week 3:

Zodra de rittens stevig op hun pootjes staan - meestal 1 á 2 dagen nadat de oogjes open zijn - kunnen ze verhuizen naar een traliekooi. Dit moet een lage kooi zijn, maar wel met genoeg bodemoppervlakte. Heel geschikt hiervoor is een Ferplast Mary (zie foto) of vergelijkbare kooi. Let goed op de tralieafstand, de rittens mogen er niet doorheen kunnen glippen. De Mary heeft een bodemoppervlakte van 80x50 cm. en is 38 cm. hoog. De rittens kunnen wel een stukje omhoog klimmen, maar ze kunnen niet diep vallen. Er kan een plateau in, een toiletje en hun huisje. Knaagmateriaal zoals wilgenhout of cactusstammen zijn aan te raden want ze willen graag knagen.
Na een paar dagen kun je de kooi uitbreiden met een hangmatje of sputnik.
De rittens beginnen nu ook zelfstandig te eten, uiteraard zijn ze nog wel van mama afhankelijk wat de melk betreft. Ze beginnen wat te knagen aan het hardvoer, groente lusten ze gelijk al en bij het lekkere hapje van hun moeder schuiven ze ook graag aan. Zorg ervoor dat de rittens bij het tuitje van de drinkfles kunnen komen, het is een noodzaak en een koddig gezicht om ze te zien drinken op die leeftijd. Ze nemen de gewoonte al snel van hun moeder over.
Met 2,5 week vinden ze een loopwiel al erg leuk. Ze kunnen amper lopen of ze gaan het wiel verkennen. Ze komen er zelf snel genoeg achter dat je er ook in kunt rennen. Het loopwiel moet dicht, van kunststof en groot genoeg zijn.
Geschikte loopwielen zijn:
Kleinere loopwielen zijn beslist niet goed. Als het moedertje erin gaat lopen dan moet ze haar rug te krom houden met alle gevolgen van dien. Denk maar aan je eigen rug als deze verkeerd belast wordt.
Week 4:

Bij de volgende schoonmaakbeurt als ze 4 weken zijn kunnen ze al in een kooi van een maat groter. Uiteraard kun je tussendoor de kooi ook verschonen indien nodig, het moedertje heeft daar geen problemen meer mee. Een Savic Freddy 2, een Ferplast Jenny, een Furet Plus (Furat KD) of iets soortgelijks zijn zeer geschikte kooien. Let wederom weer op de tralieafstand, in sommige kooien van andere merken is de tralieafstand te groot. Kleine rittens kunnen er dan nog door.
Pap mogen ze wel, maar met mate, te dikke rittens is ook niet gezond. Twee keer per week pap, en nog een keer kip, vis of een goed blikje is genoeg. Iedere dag verse groente of fruit mag juist wel en dan zoveel mogelijk verschillende soorten, zodat ze zoveel mogelijk verschillende soorten leren te eten. Gedroogd bruin brood, af en toe gekookte volkorenpasta of meergranenrijst. Liever zo min mogelijk koekjes en zeker geen yoghurtdrops.
Week 5 en 6:
Met 4,5-5 weken (langer beslist niet) worden de geslachten gescheiden. Mannetjes kunnen vanaf 5 weken vruchtbaar zijn, bij kleine nestjes heel soms iets eerder. En het is uiteraard niet de bedoeling dat ze hun moeder zwanger maken.Vrouwtjes zijn gemiddeld vanaf 5,5-6 weken voor het eerst flapperig, maar 5 weken is ook mogelijk. De mannetjes gaan in een aparte kooi die aan dezelfde eisen moet voldoen als voor het hele nestje. Heb je een paar makkelijke mannen die je helemaal vertrouwd en goed kent, dan kun je de rittens met die mannen introduceren. Pas goed op met castraten, want de liefste castraten hebben al rittens dodelijk verwond. Met andere volwassen ratten schuilt dit gevaar ook, maar met castraten is het extra goed oppassen.
De vrouwtjes kunnen bij mama in de kooi blijven. Je kunt er ook een paar makkelijke vrouwtjes bij introduceren. Ook is het mogelijk om de rittens in je bestaande vrouwengroep te introduceren, maar ook weer alleen als je je dames goed kent. De rittens willen met 5 weken nog altijd bij mama drinken en ook bij de volwassen vrouwtjes waar ze bij geïntroduceerd zijn. Zelf doe ik mama terug in de groep en een paar dagen later de rittens. Ze hebben dan niet meer zo sterk de behoefte om te drinken en laten de andere vrouwtjes meer met rust. Hierdoor zullen ze beter geaccepteerd worden.
Als de rittens 6 weken oud zijn en rond of over de 100 gram, kunnen ze uitgeplaatst worden. Altijd minimaal met zijn tweeën of de nieuwe eigenaar moet al een ander ritten hebben. Het ideale maximale leeftijdsverschil is twee maanden omdat rittens nog erg graag rollebollen. Het echte stoeien doen ze na 3-4 maanden zeker niet meer. Spelen wel, maar dat is toch anders dan het rollebollen door de kooi heen. Heb je dus een vriendje of vriendinnetje (van hetzelfde geslacht) die meer dan twee maanden ouder is, dan ontneem je het ritten dus een groot deel van zijn/haar stoeiperiode. Ze overleven het uiteraard wel, maar zie het als kleine kinderen die niemand hebben om mee te spelen.
|